zondag 28 september 2014

Heiloo heeft van oudsher twee heilige bronnen

Op weg naar een verjaardagsfeest in Noord Holland landen we even aan in Heiloo. Dit keer is mijn inspiratiebron het boek 'Spirituele Plekken in Nederland'  van Henk Ganzeboom. In Heiloo ligt een wit kerkje op een iets verhoogde plek. Aan de voorkant van het kerkje is een bron met geneeskrachtig water. Een paar kilometer verder ligt in het bos de kapel van 'Onze Lieve Vrouwe ter Nood'. Bij die kapel ligt een tweede bron met helende kwaliteiten. Naar die kapel werden bedevaarten georganiseerd. De naam Heiloo heeft de betekenis van heilige plek en komt van Heylicheloo. Ik ben nieuwsgierig genoeg om er een kijkje te willen nemen.

Ik loop volgens de aanwijzingen van het boek over het stille kerkhof naar de achterkant van het kerkje. Daar begroet ik de machtige, oude beuk en neem een moment van rust. Tussen de beuk en de muur van de kerk is het stil. Voor mij is de energie voelbaar.


Ik begroet de machtige, oude beuk

Ik had al gezien dat de vormen van een oudere kerk met steen waren aangegeven. In de zeventiende eeuw is de kerk na verwoesting opnieuw kleiner opgebouwd lees ik op het informatiebord. Dat plekje, tussen de beuk en de muur, was dat oorspronkelijk een plek bij het altaar? Is de energie daarom nog steeds voelbaar als je je er op afstemt? Het liefst zou ik even binnen willen kijken en invoelen, maar dat is niet mogelijk. Het kerkje is te bezichtigen in juni, juli en augustus tussen 11 en 16 uur, aldus het bord bij de ingang. Het  is zondag 21 september, dus dat gaat hem niet worden vandaag.


De oudere contouren van het witte kerkje


Beschermt de boom de heilige plek?

Ik loop naar de voorkant naar de Willibrordesput. De legende vertelt dat deze put in het jaar 700 door Willibrord zelf zou zijn geslagen. Ter ere daarvan werd er een kapel opgericht. Pelgrims ontdekten dat het water een geneeskrachtige werking had. Helaas is het putdeksel afgesloten.





We vervolgen onze reis naar de kapel van 'Onze Lieve Vrouwe ter Nood'. Deze plek is nog met meer wonderen omgeven. Een herder heeft er tot twee keer een Mariabeeldje gevonden en een rijke koopman heeft er na een droom een kapel laten bouwen. Tussen de oude ruïnes is een verschijning van Maria waargenomen, Het water uit de bron heeft een geneeskrachtige werking. Er worden bedevaarten naar de kapel georganiseerd en net als we er zijn is dat het geval. We zijn jammer genoeg een uur te laat en kunnen de kapel niet van binnen bewonderen.


Klein beetje commercieel doet het wel aan. 



Opschrift boven de poort: 'Als ge mij gaat eren, zal de wind gaan keren'




Bij deze bron kun je water omhoog halen



Een uur te laat. In de kapel wordt een dienst gehouden.

Heiloo: kennismakingsbezoek. Twee bronnen, twee kapellen, twee heiligen. Voor mij een plaats om in alle rust nog eens naar terug te keren. 

Meer informatie over de kapel vind je hier.
Foto's van de ruïne zijn te vinden op deze site

dinsdag 9 september 2014

In Delfshaven kun je het dak op

De nieuwe school die ik bezoek staat in Delfshaven in Rotterdam. Tom Tom dirigeert me door de stad en als ik uitstap zoek ik naar de parkeermeter. Blij verrast valt mijn blik op een stukje wilde natuur en bedenk ik spijtig dat ik dus geen tijd heb om het plekje even te verkennen. Maar deze week ben ik er op voorbereid en bouw ik een half uurtje extra in :-). Nieuwsgierig loop ik over de houtsnipperpaadjes en geniet van wat  er nog groeit en bloeit. Aan het eind van mijn rondje vind ik een bord met informatie over Proefpark de Punt. Daar hebben we deze uitbundigheid midden in de stad dus aan te danken. Maar er is meer! Want als ik me omdraai zie ik aan de overkant een brede trap naar boven. Die trap leidt naar het Dakpark. Is dat even leuk! Ik klim de trap op en wijk direct uit naar links, naar een plekje met wilde bloemen. Maar als ik daarna netjes de dijk volg kom ik bij een kruidentuin en heb uitzicht over de haven. Er is nog veel meer te zien, maar daarvoor ontbreekt de tijd. De volgende keer ga ik zeker opnieuw in Delfshaven het dak op :-).


Vlak bij de parkeermeter ontdek ik een stukje wilde natuur


En geniet van wat er nog groeit en bloeit


In de vroege ochtendzon is dit een heerlijke lichte plek


Dit stukje wilde natuur hoort dus bij Proefpark de Punt


Als ik terugloop zie ik aan de overkant van de straat een trap die naar een dijk leidt


Ik wijk even af naar links naar de wilde bloemen



Boven op de dijk ga ik naar rechts


De kruidentuin naast de pergola



Ik ben niet de enige bezoeker op de vroege morgen


Uitzicht op de haven


Het dakpark heeft nog meer te bieden. Zie voor meer informatie de website.
(laatste kopje op de balk: plattegrond van het dakpark).

vrijdag 5 september 2014

Nehalennia en haar tempel bij de haven van Colijnsplaat

Eigenlijk ben ik op dit moment helemaal niet bezig met Nehalennia. Maar tijdens het lezen van het boek 'Gods and Myths of Northern Europe' (H.R. Ellis Davidson) kom ik twee keer een verwijzing naar haar tegen. Ze wordt gelinkt aan de godin Freya, Moedergodin en godin van de vruchtbaarheid. Nehalennia wordt afgebeeld met fruit, vergelijkbaar met de hoorn van overvloed. Omdat ik houd van plekken-met-een-verhaal reis ik met Man regelmatig door het land. In Colijnsplaat heb ik haar tempel bezocht en aansluitend zijn we doorgereden naar Zierikzee. Daar vond ik in het  Maritiem Museum een aantal altaren en votiefstenen, die aan haar waren gewijd. Nehalennia was een inheemse godin. Zoals gebruikelijk hadden de Romeinen daar geen moeite mee en werd ze zonder problemen opgenomen in hun pantheon. Kooplieden die de zee opgingen vroegen om haar zegen en bedankten haar voor een veilige thuisreis met altaartjes of votiefbeelden. Omdat ze steeds wordt afgebeeld met fruit (appels) wordt er tevens een link gelegd met de vruchtbaarheidsgodinnen uit de oudheid. Was ze een Keltische of een Germaanse godin? Haar tempel is gereconstrueerd in Colijnsplaat en haar altaren en beeldjes worden bewaard in Leiden (Rijksmuseum van Oudheden) en in Zierikzee (Maritiem Museum, inmiddels gesloten en samengevoegd met het Historisch Museum).



Nehalennia in haar tempel

Nehalennia wordt meestal zittend afgebeeld, op een troon of op een bank. Haar hoofd is niet bedekt en ze draagt een lang gewaad tot op de grond. Het schoudermanteltje dat ze draagt is uniek voor deze godin (bron).


Kijkje binnen in de tempel 




Ganuenta was in de tweede en derde eeuw een belangrijke havenstad. Zeelieden vroegen Nehalennia om een behouden vaart. In de loop van de derde eeuw is de tempel is onder water verdwenen. In 1970 werd een votiefsteen van haar opgevist. Eerder al in 1647 werden in Domburg na een storm allerlei stenen met Romeinse inscripties op het strand gevonden, samen met de fundamenten van een gebouw. Ook hier blijkt een tempel van Nehalennia te hebben gestaan.


Het Maritiem Museum te Zierikzee is in 2012 samengevoegd met het Historisch Museum lees ik hier. Deze foto's zijn van 2007 en nog in de kelder van het Maritiem Museum gemaakt.



Maquette van de gereconstrueerde tempel


Beeldje tussen tempel pilaren


Nehalennia met een roer in haar hand?


Votiefsteen met de naam van de godin


De hond en het fruit


Met de voet op een schip


Nabootsing van de tempelvorm met schelp als dak

Voor het eerst las ik over Nehalennia in het boek 'Het Zonnejaar' van Mellie Uyldert (1981). Daarin wordt verhaald over het Stra-rijden: "Vroeger reed men daarbij een eindje de zee in. Dat was om de lente-godin Nerthus of Nehalennia af te halen (..). Mannen te paard reden allen zwijgend met een huifkar de zee in en kwamen terug met de etherische godin onder de huif verborgen. Zij werd door de duinen en velden gereden om de vruchtbaarheidszegen te verbreiden daarna terug gereden de zee in". De eerlijkheid gebied me om te melden dat de informatie over Stra-rijden op internet op dit punt afwijkt. Maar in het boek 'Gods en Myths of Northern Europe'  lees ik over de vruchtbaarheidsgodin Nerthus. Hier vind ik het thema terug. Ook hier wordt zij in een wagen rondgereden om vruchtbaarheid te brengen voor de mensen. Ik heb er wel iets mee, dus wat mij betreft houden we het erin ;-)

Ineke Bergman wijdt in haar boek 'Godinnen van eigen bodem' een hoofdstuk aan Nehalennia.